Dieren in stad
Stad is geen natuurloos decor. Huismussen broeden onder pannen, slechtvalken op hoge gebouwen, vossen in taluds. De soorten zijn wild, ook als ze tussen huizen leven.

Aardhommel
Bombus terrestris
De aardhommel is een grote, dichte bij met gele banden en een wit achterlijfpunt. Hommels zijn bijen. Een hommel alleen op de eerste lentedag is meestal een koningin.

Akkerhommel
Bombus pascuorum
De akkerhommel is de bruinoranje hommel zonder witte kont. De aardhommel heeft gele banden en een wit achterlijfpunt. Beide zijn hommels, en dus bijen, geen wespen.

Blauwe reiger
Ardea cinerea
De blauwe reiger is de grote grijze vogel aan de slootkant, ook midden in de stad. Hij eet vis, maar ook mollen en muizen in het gras. Een ooievaar is witter en heeft rode poten.

Bosuil
Strix aluco
De bosuil is de ronde, bruine uil van oud loofbos en parken. De roep is het bekende ‘oe-hoe’, niet de schreeuw van een kerkuil.

Bruine rat
Rattus norvegicus
De bruine rat leeft wereldwijd bij mensen. De tamme rat is dezelfde soort, gefokt op kleur en temperament, niet een aparte diersoort.

Egel
Erinaceus europaeus
De egel is het nachtdier van de tuin, met stekels in plaats van een zachte vacht. Hij eet vooral wormen, slakken en insecten, en houdt in de winter een winterslaap.

Ekster
Pica pica
De ekster is een kraaiachtige met een lange staart en een zwart-wit verenkleed dat in de zon groen en blauw glanst. Het is een zangvogel, ook al kraakt de roep.

Fret
Mustela furo
De fret is een gedomesticeerde marter, verwant aan de bunzing. Het is een roofdier en geen knaagdier, ook al wordt hij soms naast hamsters verkocht.

Fuut
Podiceps cristatus
De fuut is de viseter met de zwarte oorpluimen in de zomer. Het is geen eend: de snavel is dolkvormig en de poten staan ver naar achteren. Kuikens rijden op de rug van een ouder.

Gewone pad
Bufo bufo
De gewone pad is wrattig, loopt meer dan hij springt en legt eisnoeren. Achter het oog zit een grote oorklier. Het is een amfibie, geen reptiel.

Gewone steekmug
Culex pipiens
De gewone steekmug is de mug die ’s nachts in huis zoemt. Alleen het vrouwtje steekt, omdat zij bloed nodig heeft voor de eieren. Het mannetje drinkt nectar.

Gewone wesp
Vespula vulgaris
De gewone wesp is de gele limonadewesp. Het gezicht heeft een anker- of dolkvormige zwarte tekening. De Duitse wesp lijkt sterk op haar en heeft meestal drie stippen op het gezicht.

Gierzwaluw
Apus apus
De gierzwaluw is de donkere zomervogel die gillend langs daken scheert. Het is geen zwaluw. Hij landt bijna nooit: eten, drinken en slapen gebeuren in de vlucht, behalve op het nest.

Groene kikker
Pelophylax esculentus (groene-kikkercomplex)
‘Groene kikker’ is in Nederland geen enkele soort. Meerkikker, poelkikker en bastaardkikker lijken sterk op elkaar. De bastaardkikker is een hybride. Maten hieronder horen bij dat complex, niet bij één meetlat.

Havik
Accipiter gentilis
De havik is een bosroofvogel met korte ronde vleugels en een lange staart. Vrouwtjes zijn duidelijk groter dan mannetjes. Sommige recente indelingen plaatsen de soort in het geslacht Astur.

Heggenmus
Prunella modularis
De heggenmus lijkt op een mus, maar is het niet. De snavel is dun, de kop leigrijs en de flanken gestreept. Hij scharrelt onder de heg, niet in een luidruchtige groep op de dakgoot.

Hond
Canis lupus familiaris
De hond is het gedomesticeerde dier dat afstamt van de wolf. Rassen verschillen zo sterk in formaat en vacht dat één gewicht of één schofthoogte de soort niet dekt.

Honingbij
Apis mellifera
De honingbij leeft in een volk met één koningin en duizenden werksters. Een bij op een bloem kan ook een wilde bij of een zweefvlieg zijn. Deze pagina gaat over Apis mellifera.

Hoornaar
Vespa crabro
De hoornaar is de grootste sociale wesp van Nederland. Het borststuk is roodbruin, niet felgeel zoals de gewone wesp. De Aziatische hoornaar is een andere soort.

Houtduif
Columba palumbus
De houtduif is de grote duif van park en akker, met een witte vlek in de nek en een witte band over de vleugel. De stadsduif is kleiner en heeft die nekband niet.

Huismuis
Mus musculus
De huismuis is het kleine knaagdier dat in gebouwen leeft. ‘Muis’ alleen is geen soort: veldmuis, bosmuis en spitsmuis zijn andere dieren, en een spitsmuis is niet eens een knaagdier.

Huismus
Passer domesticus
De huismus hoort bij huizen, heggen en stofbadjes. Het mannetje heeft een grijze kruin en een zwarte bef. De ringmus, met een wangvlek, is een andere soort.

Huisvlieg
Musca domestica
De huisvlieg heeft één paar vleugels. Ze steekt niet. De larve is een made in rottend materiaal.

IJsvogel
Alcedo atthis
De ijsvogel is de blauworanje vogel die als een pijl het water in duikt. De naam zegt niets over ijs: een strenge winter is juist een risico, omdat vis onbereikbaar wordt.

Kat
Felis catus
De huiskat is een kleine katachtige die al duizenden jaren bij mensen leeft. Ze is een echte vleeseter, ook als ze brokken uit een zak eet.

Kauw
Coloeus monedula
De kauw is de kleine, grijze kraai met een lichte iris. Hij broedt in schoorstenen en holtes en vliegt vaak in paren binnen een groep.

Kerkuil
Tyto alba
De kerkuil is de lichte uil van schuren en kerktorens. Het gezicht is hartvormig. Het is geen bosuil: die is bruin en broedt in een holle boom.

Koolmees
Parus major
De koolmees is de grootste mezensoort in de tuin, met een zwarte stropdas op een gele buik. Het lied is een herhaald ‘teacher-teacher’.

Lantaarntje
Ischnura elegans
Het lantaarntje is een kleine waterjuffer met een lichtblauw ‘lantaarntje’ op het einde van het achterlijf. Mannetjes en vrouwtjes zien er verschillend uit, en vrouwtjes hebben meerdere kleurvormen.

Meerkoet
Fulica atra
De meerkoet is zwart met een witte snavel en een wit voorhoofdschild. Het is geen eend: de tenen zijn gelobd, niet verbonden door een zwemvlies.

Merel
Turdus merula
De merel is de zwarte lijster van het gazon. Het mannetje is glanzend zwart met een gele snavel. Het vrouwtje is donkerbruin.

Muurhagedis
Podarcis muralis
De muurhagedis is de platte, snelle hagedis van muren en rotsen. In Nederland hoort de oorspronkelijke populatie bij Maastricht. Elders in het land zitten ook uitgezette dieren, en dat is niet dezelfde geschiedenis.

Pimpelmees
Cyanistes caeruleus
De pimpelmees is kleiner dan de koolmees en heeft een blauwe kap. Hij hangt graag aan de uiteinden van dunne takken.

Rode eekhoorn
Sciurus vulgaris
De rode eekhoorn is de inheemse eekhoorn van Nederlandse bossen en parken. De vacht is roodbruin tot bijna zwart, en in de winter draagt hij vaak oorpluimen. De grijze eekhoorn is een andere soort.

Roodborst
Erithacus rubecula
De roodborst is de kleine zangvogel met een oranje borst. In de tuin is het vaak een fel individu dat een voedselplek verdedigt, niet een groep.

Slechtvalk
Falco peregrinus
De slechtvalk is de vogel met de hoogste gemeten duiksnelheid. Die snelheid geldt voor de stootduik, niet voor gewone vlucht. In Nederland broedt de soort op hoge gebouwen en in groeves.

Spreeuw
Sturnus vulgaris
De spreeuw is de donkere tuinvogel die in een groep over de wei loopt en ’s avonds in een wolk kan samenkomen. In de zon glanst de vacht paars en groen. Het is geen merel: de snavel is spits en de staart kort.

Torenvalk
Falco tinnunculus
De torenvalk is de valk die stilstaat in de lucht, een ‘bidden’, boven een berm. Hij eet vooral veldmuizen. Een buizerd is groter en bidt niet op die manier.

Vink
Fringilla coelebs
De vink is de zaadeter met de witte vleugelstreep. Het mannetje heeft een blauwgrijze kruin en een roze borst. Het vrouwtje is bruiner en wordt vaak voor een mus aangezien.

Vos
Vulpes vulpes
De rode vos is de hondachtige van bosrand, duin en stad. Een vos is geen kleine wolf en geen kat, ook al jaagt hij alleen.

Wilde eend
Anas platyrhynchos
De wilde eend is de bekende eend van de vijver. Het mannetje in prachtkleed heeft een groene kop. Het vrouwtje is bruin. Soepeenden zijn vermengd met tamme eenden en vaak donkerder of bonter.

Zwarte kraai
Corvus corone
De zwarte kraai is egaal zwart en leeft in paren. De bonte kraai, met grijze romp, is een zustervorm die in Nederland vooral 's winters opduikt.
