Dieren in tuin
Een tuin houdt dieren als er struiken, water en rommelhoekjes zijn. Roodborst, merel, koolmees en gewone pad redden zich daar. Een volledig bestrate tuin houdt vooral soorten die van kieren en afval leven.

Aardhommel
Bombus terrestris
De aardhommel is een grote, dichte bij met gele banden en een wit achterlijfpunt. Hommels zijn bijen. Een hommel alleen op de eerste lentedag is meestal een koningin.

Akkerhommel
Bombus pascuorum
De akkerhommel is de bruinoranje hommel zonder witte kont. De aardhommel heeft gele banden en een wit achterlijfpunt. Beide zijn hommels, en dus bijen, geen wespen.

Alpenwatersalamander
Ichthyosaura alpestris
De alpenwatersalamander is in het water herkenbaar aan de oranje buik zonder vlekken en, bij het mannetje, een lage kam. Op het land is het dier donker en onopvallend.

Atalanta
Vanessa atalanta
De atalanta is een trekvlinder met een zwarte vleugel, een rode band en witte vlekken in de vleugelpunt. In Nederland is het een bekende tuinvlinder die niet elke winter hier blijft.

Blinde bij
Eristalis tenax
De blinde bij is een zweefvlieg die op een honingbij lijkt. Het is geen bij: er is één paar vleugels, en het dier kan stil in de lucht hangen. De ogen werken; de naam is misleidend.

Bosuil
Strix aluco
De bosuil is de ronde, bruine uil van oud loofbos en parken. De roep is het bekende ‘oe-hoe’, niet de schreeuw van een kerkuil.

Bruine kikker
Rana temporaria
De bruine kikker is de kikker van het voorjaar: kikkerdril in de sloot, en daarna een leven op het land. De rug is bruin, niet groen.

Cavia
Cavia porcellus
De cavia is een Zuid-Amerikaans knaagdier dat wereldwijd als huisdier leeft. Een wilde populatie van ditzelfde huisdier is er niet; verwante soorten leven wél in de Andes.

Citroenvlinder
Gonepteryx rhamni
De citroenvlinder lijkt op een blad. Het mannetje is citroengeel, het vrouwtje bleek groenwit. Beide hebben een puntige vleugel en een oranje vlek in het midden.

Dagpauwoog
Aglais io
De dagpauwoog is een dagvlinder met vier oogvlekken. De naam lijkt op nachtpauwoog, maar dat is een andere soort en een nachtvlinder.

Distelvlinder
Vanessa cardui
De distelvlinder is een trekvlinder die in sommige jaren massaal door Nederland vliegt. De vleugel is oranje met zwarte vlekken en een witte punt. De atalanta, een familielid, heeft een rode band op zwart.

Egel
Erinaceus europaeus
De egel is het nachtdier van de tuin, met stekels in plaats van een zachte vacht. Hij eet vooral wormen, slakken en insecten, en houdt in de winter een winterslaap.

Ekster
Pica pica
De ekster is een kraaiachtige met een lange staart en een zwart-wit verenkleed dat in de zon groen en blauw glanst. Het is een zangvogel, ook al kraakt de roep.

Gehakkelde aurelia
Polygonia c-album
De gehakkelde aurelia heeft een gekartelde vleugelrand en een witte C op de onderzijde. Met dichte vleugels lijkt de vlinder op een dor blad. Hij overwintert als vlinder.

Gewone pad
Bufo bufo
De gewone pad is wrattig, loopt meer dan hij springt en legt eisnoeren. Achter het oog zit een grote oorklier. Het is een amfibie, geen reptiel.

Gewone steekmug
Culex pipiens
De gewone steekmug is de mug die ’s nachts in huis zoemt. Alleen het vrouwtje steekt, omdat zij bloed nodig heeft voor de eieren. Het mannetje drinkt nectar.

Gewone wesp
Vespula vulgaris
De gewone wesp is de gele limonadewesp. Het gezicht heeft een anker- of dolkvormige zwarte tekening. De Duitse wesp lijkt sterk op haar en heeft meestal drie stippen op het gezicht.

Gierzwaluw
Apus apus
De gierzwaluw is de donkere zomervogel die gillend langs daken scheert. Het is geen zwaluw. Hij landt bijna nooit: eten, drinken en slapen gebeuren in de vlucht, behalve op het nest.

Gouden tor
Cetonia aurata
De gouden tor is een metaalgroene kever die op bloemen zit, vaak op vlier of roos. In de vlucht laat hij de dekschilden dicht, anders dan een meikever.

Groene kikker
Pelophylax esculentus (groene-kikkercomplex)
‘Groene kikker’ is in Nederland geen enkele soort. Meerkikker, poelkikker en bastaardkikker lijken sterk op elkaar. De bastaardkikker is een hybride. Maten hieronder horen bij dat complex, niet bij één meetlat.

Hazelworm
Anguis fragilis
De hazelworm is een hagedis zonder poten. Hij wordt vaak voor een slang aangezien, maar hij knippert met de oogleden en kan zijn staart afwerpen. Slangen kunnen dat niet.

Heggenmus
Prunella modularis
De heggenmus lijkt op een mus, maar is het niet. De snavel is dun, de kop leigrijs en de flanken gestreept. Hij scharrelt onder de heg, niet in een luidruchtige groep op de dakgoot.

Honingbij
Apis mellifera
De honingbij leeft in een volk met één koningin en duizenden werksters. Een bij op een bloem kan ook een wilde bij of een zweefvlieg zijn. Deze pagina gaat over Apis mellifera.

Hoornaar
Vespa crabro
De hoornaar is de grootste sociale wesp van Nederland. Het borststuk is roodbruin, niet felgeel zoals de gewone wesp. De Aziatische hoornaar is een andere soort.

Houtduif
Columba palumbus
De houtduif is de grote duif van park en akker, met een witte vlek in de nek en een witte band over de vleugel. De stadsduif is kleiner en heeft die nekband niet.

Huismus
Passer domesticus
De huismus hoort bij huizen, heggen en stofbadjes. Het mannetje heeft een grijze kruin en een zwarte bef. De ringmus, met een wangvlek, is een andere soort.

Kat
Felis catus
De huiskat is een kleine katachtige die al duizenden jaren bij mensen leeft. Ze is een echte vleeseter, ook als ze brokken uit een zak eet.

Kauw
Coloeus monedula
De kauw is de kleine, grijze kraai met een lichte iris. Hij broedt in schoorstenen en holtes en vliegt vaak in paren binnen een groep.

Klein koolwitje
Pieris rapae
Het klein koolwitje is de witte tuinvlinder waarvan de rups op kool leeft. Het groot koolwitje is een andere soort, forser, met zwaardere zwarte vleugelpunten.

Kleine vos
Aglais urticae
De kleine vos is oranje met zwarte vlekken en een rij blauwe maanvlekjes langs de vleugelrand. De vos als zoogdier heeft er niets mee te maken; de naam komt van de kleur.

Kleine watersalamander
Lissotriton vulgaris
De kleine watersalamander is de gewone salamander van de tuinvijver. In het voorjaar heeft het mannetje een golvende kam. De kamsalamander is veel forser en heeft een getande kam.

Konijn
Oryctolagus cuniculus
Het konijn is een haasachtige, geen knaagdier. Het tamme konijn en het wilde konijn zijn dezelfde soort, met een heel verschillende leefwijze.

Koninginnenpage
Papilio machaon
De koninginnenpage is de grote gele vlinder met zwart en een blauwe band, en een staartje aan de achtervleugel. De rups zit op peen, venkel en andere schermbloemen.

Koolmees
Parus major
De koolmees is de grootste mezensoort in de tuin, met een zwarte stropdas op een gele buik. Het lied is een herhaald ‘teacher-teacher’.

Lantaarntje
Ischnura elegans
Het lantaarntje is een kleine waterjuffer met een lichtblauw ‘lantaarntje’ op het einde van het achterlijf. Mannetjes en vrouwtjes zien er verschillend uit, en vrouwtjes hebben meerdere kleurvormen.

Merel
Turdus merula
De merel is de zwarte lijster van het gazon. Het mannetje is glanzend zwart met een gele snavel. Het vrouwtje is donkerbruin.

Mol
Talpa europaea
De mol leeft onder de grond en gooit de molshopen op die je in het gazon ziet. Hij is niet blind: de ogen zijn klein en grotendeels in de vacht verborgen.

Oranjetipje
Anthocharis cardamines
Het oranjetipje is een voorjaarsvlinder. Alleen het mannetje heeft oranje vleugelpunten. Het vrouwtje is wit en lijkt daardoor op een koolwitje, tot je de groene marmering aan de onderzijde ziet.

Pimpelmees
Cyanistes caeruleus
De pimpelmees is kleiner dan de koolmees en heeft een blauwe kap. Hij hangt graag aan de uiteinden van dunne takken.

Ringslang
Natrix helvetica
De ringslang is een niet-giftige slang van water en broeihopen. Achter de kop zit een lichte, vaak gele kraag. De wetenschappelijke naam is Natrix helvetica, na de splitsing van de vroegere Natrix natrix.

Roodborst
Erithacus rubecula
De roodborst is de kleine zangvogel met een oranje borst. In de tuin is het vaak een fel individu dat een voedselplek verdedigt, niet een groep.

Spreeuw
Sturnus vulgaris
De spreeuw is de donkere tuinvogel die in een groep over de wei loopt en ’s avonds in een wolk kan samenkomen. In de zon glanst de vacht paars en groen. Het is geen merel: de snavel is spits en de staart kort.

Vink
Fringilla coelebs
De vink is de zaadeter met de witte vleugelstreep. Het mannetje heeft een blauwgrijze kruin en een roze borst. Het vrouwtje is bruiner en wordt vaak voor een mus aangezien.

Zevenstippelig lieveheersbeestje
Coccinella septempunctata
Het zevenstippelige lieveheersbeestje is rood met precies zeven zwarte stippen. Andere lieveheersbeestjes hebben een ander aantal of een ander patroon.
