Tuinvogels
Tuinvogels zijn geen aparte familie. Het zijn soorten die goed uit de voeten kunnen in tuinen, parken en dorpen, zolang er groen, dekking of voedsel is. Roodborst en merel zoeken op de grond. Mezen hangen aan takken. Ekster, kauw en zwarte kraai zijn kraaiachtigen met een brede voeding.
Een volle voedertafel zegt niet welke soort ergens thuishoort. De huismus heeft struiken en holtes nodig, niet alleen zaad. De roodborst eet vooral kleine ongewervelden en neemt in de winter ook zacht voer en zaad.
Verschillende tuinvogels zijn ook zangvogels. Die tweede indeling gaat over de orde van de zangvogels, niet over hoe mooi de zang klinkt. De ekster is een zangvogel, ook al kraakt ze meer dan ze fluit.

Boerenzwaluw
Hirundo rustica
De boerenzwaluw is de zwaluw met de diep gevorkte staart en de rode keel, die in een stal of schuur nestelt. De gierzwaluw is een andere vogel: donkerder, met sikkelvleugels, en geen familie.

Ekster
Pica pica
De ekster is een kraaiachtige met een lange staart en een zwart-wit verenkleed dat in de zon groen en blauw glanst. Het is een zangvogel, ook al kraakt de roep.

Gierzwaluw
Apus apus
De gierzwaluw is de donkere zomervogel die gillend langs daken scheert. Het is geen zwaluw. Hij landt bijna nooit: eten, drinken en slapen gebeuren in de vlucht, behalve op het nest.

Heggenmus
Prunella modularis
De heggenmus lijkt op een mus, maar is het niet. De snavel is dun, de kop leigrijs en de flanken gestreept. Hij scharrelt onder de heg, niet in een luidruchtige groep op de dakgoot.

Houtduif
Columba palumbus
De houtduif is de grote duif van park en akker, met een witte vlek in de nek en een witte band over de vleugel. De stadsduif is kleiner en heeft die nekband niet.

Huismus
Passer domesticus
De huismus hoort bij huizen, heggen en stofbadjes. Het mannetje heeft een grijze kruin en een zwarte bef. De ringmus, met een wangvlek, is een andere soort.

Kauw
Coloeus monedula
De kauw is de kleine, grijze kraai met een lichte iris. Hij broedt in schoorstenen en holtes en vliegt vaak in paren binnen een groep.

Koolmees
Parus major
De koolmees is de grootste mezensoort in de tuin, met een zwarte stropdas op een gele buik. Het lied is een herhaald ‘teacher-teacher’.

Merel
Turdus merula
De merel is de zwarte lijster van het gazon. Het mannetje is glanzend zwart met een gele snavel. Het vrouwtje is donkerbruin.

Pimpelmees
Cyanistes caeruleus
De pimpelmees is kleiner dan de koolmees en heeft een blauwe kap. Hij hangt graag aan de uiteinden van dunne takken.

Roodborst
Erithacus rubecula
De roodborst is de kleine zangvogel met een oranje borst. In de tuin is het vaak een fel individu dat een voedselplek verdedigt, niet een groep.

Spreeuw
Sturnus vulgaris
De spreeuw is de donkere tuinvogel die in een groep over de wei loopt en ’s avonds in een wolk kan samenkomen. In de zon glanst de vacht paars en groen. Het is geen merel: de snavel is spits en de staart kort.

Vink
Fringilla coelebs
De vink is de zaadeter met de witte vleugelstreep. Het mannetje heeft een blauwgrijze kruin en een roze borst. Het vrouwtje is bruiner en wordt vaak voor een mus aangezien.

Zwarte kraai
Corvus corone
De zwarte kraai is egaal zwart en leeft in paren. De bonte kraai, met grijze romp, is een zustervorm die in Nederland vooral 's winters opduikt.
Veelgestelde vragen
Welke tuinvogels staan op deze site?
Roodborst, merel, huismus, koolmees, pimpelmees, ekster, kauw en zwarte kraai.
Is een ekster een zangvogel?
Ja, taxonomisch wel. Zangvogels zijn een orde. Niet elke soort in die orde heeft een melodieuze zang.
